Brein kennistest

1. Hoeveel hersencelprikkels vinden er in je hoofd per seconde ongeveer plaats? Kies het juiste antwoord.
a. 100,
b. 1.000,
c. 10.000,
d. 100.000.

2. Een axon: Kies het juist antwoord.
a. is groter dan een hersencel
b. is een andere naam voor een neuron
c. zorgt voor vitale zenuwimpulsen
d. is het belangrijkste deel van een synaps

3. Kies het juiste antwoord. Een volwassen brein heeft aan hersencellen:
a. 1 miljoen,
b. 1 biljoen,
c. 1 triljoen,
d. 1.000 triljoen

4. Een elektrochemische verbinding tussen twee hersencellen kan komen door: Meerdere antwoorden zijn mogelijk.
a. een gedachte,
b. een inzicht,
c. een gewoonte,
d. een vaardigheid.

5. Het elektrochemische signaal dat tussen twee hersencellen verloopt, gaat: Kies het juiste antwoord.
a. afzonderlijk en langzaam
b. snel en met meervoudige golven
c. sneller dan het geluid
d. alleen als iemand denkt

6. De lengte van een zenuwcel kan zelfs uitgroeien tot: Kies het juiste antwoord.
a. 1 cm,
b. 10 cm,
c. 20 cm,
d. 100 cm.

7. Neuronen verschillen van andere lichaamscellen want ze zijn: Kies het juiste antwoord
a. eenvoudiger,
b. ingewikkelder,
c. kleiner,
d. groter.

8. Het menselijk brein weegt ongeveer: Kies het juiste antwoord
a. 1.000 g,
b. 1.200 g,
c. 1.400 g,
d. 1.800 g

9. Afname van het breinvermogen: Kies het juiste antwoord
a. is te wijten aan het gestaag afsterven van hersencellen
b. komt met de jaren
c. wordt gecompenseerd door aanmaak van meer dendrieten
d. is het resultaat van minder prikkeling van dendrieten en hersenbanen

10. Groei van hersencellen op volwassen leeftijd is mogelijk: Meerdere antwoorden zijn mogelijk
a. na lichaamsbeweging
b. bij blootstelling aan een uitdagende en nieuwe omgeving
c. tijdens zwangerschap
d. na het hebben van sex


Ga naar antwoorden.

  Om niet te gaan vergeten!  terug